Twee jaar verder. Liefde blijft. Vandaag is het twee jaar geleden dat mijn moeder overleed. Dag lieve mam. Ik mis je nog steeds. Niet elke dag even scherp. Niet voortdurend aanwezig. Maar wel als een stille laag die meereist. In kleine momenten. In gedachten die onverwacht opkomen. In hoe ik soms even anders kijk.
Rouw laat zich niet sturen. Het volgt geen planning en laat zich niet vangen in fases of termijnen. Je kunt lachen, werken, genieten en ondertussen iemand blijven missen.
Wanneer we het over rouw hebben, denken we meestal aan het verlies van een dierbare. Die vorm van rouw verdient alle aandacht. Tegelijkertijd zie ik in mijn werk hoe rouw zich ook aandient bij andere ingrijpende veranderingen, zoals het verlies van o.a. werk, gezondheid of een relatie.
Rouw gaat over afscheid nemen van wat was. En van wat niet meer zal zijn.
Wat rouw ingewikkeld maakt, is dat het lang niet altijd zichtbaar is. Het is niet voortdurend in your face. Het kan latent aanwezig zijn en toch invloed hebben. Je functioneert, draagt verantwoordelijkheid, bent betrokken. En ondertussen kost het energie om te dragen wat niet altijd wordt benoemd.
In mijn werk ontmoet ik mensen die zich afvragen of ze niet gewoon verder zouden moeten zijn. Alsof rouw iets is wat je afrondt. Maar rouw vraagt geen afronding. Het vraagt ruimte.
Manu Kierse verwoordde het mooi: rouw is de keerzijde van liefde.
Dat betekent dat rouw geen probleem is dat opgelost moet worden. Het laat zien dat iets of iemand van betekenis was. En ja, je mag daarnaast ook gewoon een mooi leven leiden. Genieten. Plannen maken. Lachen. Verbinden.
Rouw en leven sluiten elkaar niet uit. Ze bestaan naast elkaar.
Rouw reist mee. Soms stil op de achtergrond, soms even voelbaar.
En juist daarom verdient rouw aandacht op de plekken waar veel van mensen wordt gevraagd, ook op het werk. Omdat wat ruimte krijgt, minder hoeft te wringen.
Wat ik van mijn moeder leerde, is dat aandacht begint bij echt aanwezig zijn, ook als je niets hoeft op te lossen. Misschien is dat precies wat rouw ons vraagt. En wat liefde blijft doen.
